Dit retabel verbeeldt Christus’ lijdensverhaal. Links draagt hij het kruis en haalt de knielende Veronica met een doek het zweet van zijn hoofd. In het midden wordt Jezus gekruisigd, maar Jezus en het kruis zelf zijn er niet meer. Rechts haalt men de dode Christus van het kruis en wordt hij beweend.

 

Privégebruik

In de 15de en 16de stonden ateliers in Brabant, onder meer in Brussel en Antwerpen, bekend om hun retabels. Die exporteerden ze massaal, over heel Europa en zelfs tot in Zuid-Amerika. Retabels konden soms erg omvangrijk zijn. Exemplaren voor privégebruik zijn zeldzamer en kleiner.

 

Kleuren

De originele kleuren bleven bij dit retabel bewaard. Zo krijgen we een indruk van de kleurenrijkdom. Een retabel was doorgaans gesloten. Gelovigen zagen dan meestal beschilderde luiken. Die zijn hier spoorloos.

 

Brussel

Omdat op dit retabel het kenmerk van de Brusselse schrijnwerkers staat, weten we dat het in Brussel is gemaakt. Kenners zien dat ook aan de stijl: de emoties zijn beheerst en ingetogen, zoals rond 1500 op veel Brusselse retabels.

 

Specificaties

Zuid-Nederlands (Jan III Borreman?)
Passieretabel, ca. 1490-1495
Eik, hoogte: 88 cm (zijvlakken: 65,2 cm), breedte: 87,5 cm

Meld je aan voor onze nieuwsbrief